[Social Business] Wakibi biedt microfinanciering voor ieder die geen toegang heeft tot reguliere bancaire diensten

 

Microfinanciering is een algemene term voor financiële diensten die aangeboden worden aan personen met lage inkomens of aan hen die geen toegang hebben tot reguliere bancaire diensten.Microfinanciering is gebaseerd op de gedachte dat zulke mensen in staat zijn om zichzelf uit de armoede te bevrijden wanneer zij hiervan gebruik kunnen maken. Hoewel sommige studies aantonen dat microfinanciering een rol kan spelen in de strijd tegen armoede, wordt ook onderkend dat deze methode niet altijd de meest geschikte is, en nooit gezien moet worden als het enige hulpmiddel om een einde te maken aan armoede.

Wat is microfinanciering?

Een voorbeeld: Florence Agustina Garcia Lopez verkoopt schorten, ergens in een klein dorpje in Guatemala. Ze maakt gebruik van microleningen om haar handel te laten groeien en hoopt op die manier de leefomstandigheden van haar kinderen te verbeteren.
Aangezien het bij dit soort leningen doorgaans om kleine hoeveelheden geld gaat, helpt de term “microfinanciering” om dit type diensten, betreffende sparen en lenen, te onderscheiden van de diensten die door formele banken worden aangeboden. Waarom is hierbij altijd sprake van geringe bedragen? Iemand die niet veel geld heeft, zal niet snel een lening van $50.000 willen of kunnen krijgen, of een spaarrekening met een begintegoed van $1.000 kunnen openen.
Je bent snel geneigd te denken dat arme mensen geen financiële diensten nodig hebben, maar wanneer je er over nadenkt, gebruiken ze in de praktijk deze diensten wel degelijk; ze zien er alleen wat anders uit. Arme mensen sparen voortdurend, doorgaans op een informele manier. Zij investeren bijvoorbeeld in middelen als goud, juwelen, huisdieren, bouwmaterialen, en zaken die snel voor geld kunnen worden ingewisseld. Of zij houden wat maïs van hun oogst apart om deze later te verkopen. Sommigen begraven geld in hun tuin of verbergen het onder hun matras. Anderen geven hun geld in bewaring bij buren of betalen lokale kaslopers om het veilig te bewaren.Ook komt het voor dat zij deelnemen aan informele spaargroepen waar iedereen dagelijks, wekelijks of maandelijks een kleine hoeveelheid geld inlegt en beurtelings zijn totale inleg ontvangt. Enkele groepen staan hun leden toe om (indien gewenst) van het totaalbedrag te lenen.
Hoe wijdverbreid het gebruik ook is, informele spaarmechanismen hebben ernstige beperkingen. Het is vanzelfsprekend niet mogelijk om een poot van een geit af te hakken als een familie plotseling een kleine hoeveelheid geld nodig heeft. Spaartegoeden in natura zijn daarnaast gevoelig voor fluctuaties in de goederenprijzen, voor vernietiging door insecten of vuur, voor diefstal, of ziekte (in het geval van vee). Informele geldverstrekkende spaargroepen zijn doorgaans klein en brengen slechts een beperkte hoeveelheid geld in omloop. Bovendien eisen deze groepen vaak een strike afbetaling op vaste termijnen en reageren ze niet op veranderingen in de spaarmogelijkheden van hun leden. Wellicht het belangrijkste bezwaar is dat armen bij informele spaarovereenkomsten meer kans hebben om hun geld kwijt te raken door fraude of mismanagement dan wanneer zij hun geld inleggen bij formele financiële instellingen. De armen gebruiken dus zelden diensten via de formele financiële sector. Zij voorzien in hun behoefte aan financiële diensten door een verscheidenheid aan financiële relaties aan te gaan, voornamelijk informele. (CGAP)

De geschiedenis van moderne microfinanciering

Kredietcoöperaties en leencoöperaties bestaan al honderden jaren. De ontwikkeling van de moderne microfinanciering wordt echter vaak toegeschreven aan Dr. Mohammed Yunus. Hij begon tijdens zijn aanstelling als professor economie aan de Chittagong Universiteit in de jaren ‘70 te experimenteren met leningen aan arme vrouwen in het dorp Jobra in Bangladesh. Dit leidde er uiteindelijk toe dat hij in 1983 de Grameen Bank oprichtte. Voor zijn inspanningen werd hij beloond: in 2006 ontving hij de Nobelprijs voor de Vrede. (Global Envision)Sindsdien zijn de vernieuwingen op het gebied van microfinanciering doorgegaan en blijven (de aanbieders van) financiële diensten aan armen zich ontwikkelen. De Wereldbank schat dat vandaag de dag ongeveer 160 miljoen mensen in ontwikkelingslanden gebruik maken van microfinanciering.

Aanbieders van Microfinanciering Microfinancieringsinstellingen

Een microfinancieringsinstelling (MFI) is een organisatie die, zoals het woord al aangeeft, microfinancieringsdiensten aanbiedt. MFI’s variëren in omvang van kleine non-profit organisaties tot grote commerciële banken. De geschiedenis laat zien hoe gespecialiseerde MFI’s zich in de laatste decennia hebben ontwikkeld. Tussen de jaren ‘50 en ‘60 richtten overheden en donoren zich op het aanbieden van gesubsidieerde agrarische kredieten aan kleine (en marginale) boeren in de hoop dat zo hun productiviteit en inkomen zouden worden verhoogd. In de jaren ‘80 concentreerden micro-ondernemingskredieten zich op het verstrekken van leningen aan arme vrouwen om te investeren in kleine ondernemingen, zodat zij hun inkomen en de welvaart van het huishouden konden verbeteren. Deze experimenten hebben geleid tot de opkomst van niet-gouvernementele organisaties (NGO’s) die financiële diensten aanbieden aan de armen. In de jaren ‘90 zijn veel van deze organisaties veranderd in formele financiële instellingen zodat ze toegang kregen tot de spaartegoeden van hun cliënten, deze weer konden uitlenen en hiermee hun reikwijdte vergroten. (CGAP).

Waarom bedienen banken geen arme mensen?
Formele financiële instellingen zijn niet bedoeld om mensen zonder financiële middelen te helpen; zij zijn ontwikkeld om juist diegenen te helpen die daar wel over beschikken. Dus wat moeten armen mensen doen?Informele commerciële en niet-commerciële geldleners verlenen krediet, maar meestal tegen hoge kosten. Spaardiensten worden beschikbaar gesteld door een verscheidenheid aan informele relaties zoals spaarclubs, spaar- en kredietsamenwerkingsverbanden, en onderlinge waarborgmaatschappijen die nogal eens onregelmatig en onveilig zijn. (CGAP)
Sommige banken bieden wel formele financiële diensten aan armen, zoals Grameen Bank in Bangladesh. Deze werd gevormd vanuit een project dat kleine leningen aan vrouwen in het dorp Jobra aanbood. Een ander voorbeeld is Bancosol, een commerciële bank in Bolivia, die microfinancieringsdiensten aanbiedt aan de allerarmsten van het land.

De meerderheid van de formele banken biedt echter geen microfinancieringsproducten aan: ze kunnen veel meer geld verdienen aan een grote dan aan een kleine lening en bovendien leveren spaarrekeningen waar slechts een klein bedrag op staat, niet veel geld op. Kortom, banken profiteren het meest als zij hun diensten aanbieden aan mensen die al over (ruime) financiële middelen beschikken.

Kosten, rentetarieven en duurzaamheid

Hoge rentetarieven 
Sikiratou Salami komt uit Togo, zij nam een lening om een voorraad voor haar cosmeticabedrijf op te bouwen. Een deel van de winst wil ze gebruiken zodat haar drie kinderen naar school kunnen gaan.De aard van het microkrediet – dat altijd kleine leningen betreft– zorgt ervoor dat de rente wel hoog móet zijn om de kosten van de lening te kunnen terugverdienen.
Er zijn drie soorten kosten die de MFI moet dekken als het microleningen wil aanbieden.

De eerste twee, de kosten van het geld dat wordt uitgeleend en de kosten van wanbetaling, zijn proportioneel ten opzichte van de hoogte van de lening. Wanneer bijvoorbeeld de kosten voor de MFI vanwege het uitlenen van het geld 10% zijn en 1% van het uitgeleende geld niet worden terugbetaald, zijn deze in totaal $11 voor een lening van $100 en $55 voor een lening van $500. Een rentetarief van 11% van het leningsbedrag dekt dan beide kosten.

Het derde type kosten, nl. die van de transactie, is niet proportioneel ten opzichte van het geleende bedrag. De transactiekosten van de lening van $500 verschillen niet veel van die van de lening van $100. Beide leningen vereisen ongeveer even veel tijd van medewerkers om de lener te ontmoeten, om de lening te beoordelen, om de uitgifte en aflossingen van de lening te verwerken, en de uitvoering te monitoren.

Veronderstel dat de transactiekosten $25 per lening zijn en de leningen worden afgegeven voor één jaar. Om op de lening van $500 de kosten te kunnen verhalen moet de MFI een rente van $50 + $5 + $25 = $80 ontvangen, wat overeenkomt met een jaarrente van 16%. Om echter de kosten van de lening van $100 te kunnen verhalen moet de MFI een rentebedrag van $10 + $1 + $25 = $ 36 ontvangen, wat overeenkomt met een rentetarief van 36%. Op het eerste gezicht komt dit rentetarief op veel mensen over als uitbuiting, vooral wanneer het cliënten betreft die armlastig zijn. Maar in werkelijkheid geeft dit rentetarief enkel de simpele realiteit weer dat, wanneer het geleende bedrag erg klein is, de totale kostenpost relatief groot wordt: deze kan nl. niet tot een bepaald minimum worden teruggebracht. (CGAP)

Winstgevendheid en duurzaamheid van MFI’s
Sommigen maken zich zorgen dat een overmatige bezorgdheid voor de winstgevendheid bij microfinanciering ertoe zal leiden dat MFI’s hun aandacht verleggen van arme klanten naar welgestelden: deze vragen nl. grotere leningen. Natuurlijk zijn programma ’s die arme klanten bedienen, minder winstgevend dan programma’s voor wat rijkere klanten. Toch zijn in dit verband doelstellingen van de manager waarschijnlijk doorslaggevend, want van een inherent conflict tussen kredietverlening aan de armen en winstgevendheid is geen sprake: MFI’s die de allerarmsten als cliënt hebben, vertonen snelle financiële verbeteringen. Microfinancieringsprogramma’s zoals de Bangladesh Rural Advancement Committee en de ASA in Bangladesh hebben reeds aangetoond dat zeer arme cliënten op een winstgevende manier bereikt kunnen worden: beide instellingen hadden in 2000 een winst van meer dan 4% van het vermogen.Er zijn situaties waarbij microfinanciering niet winstgevend kan zijn, bijvoorbeeld wanneer potentiële klanten extreem arm en risicomijdend zijn of in verafgelegen gebieden wonen met een lage bevolkingsdichtheid. In zulke situaties kan het zijn dat microfinanciering doorlopende subsidiëring nodig heeft. Of microfinanciering de beste manier is om deze subsidies te benutten, zal afhangen van de invloed die deze hulp op het leven van betrokkenen heeft. (CGAP)

Microfinanciering: impact en gevolgen

Bewijs dat microfinanciering werkt

 “Gun Keshari is een vaste lener van een MFI. In de loop van de tijd heeft zij dankzij de kleine lagerenteleningen een drastische verbetering in de levensstandaard van haar familie gezien.” – Polly Banks, Kiva Fellow, Nepal

Volgens CGAP hebben uitgebreide impactstudies verschillende zaken aangetoond:

  •  Microfinanciering helpt zeer arme huishoudens om in hun basisbehoeften te voorzien en hen te beschermen tegen risico’s.
  •  Het gebruik van financiële diensten door huishoudens met een klein inkomen staat in nauw verband met verbeteringen in hun economische situatie en met stabiliteit of groei van ondernemingen.
  •  Door ondersteuning van de economische participatie van vrouwen draagt microfinanciering bij aan hun empowerment; hun gevoel van gelijkwaardigheid wordt erdoor gestimuleerd en het welzijn van hun huishouden verbeterd.
  •  Voor bijna alle gevolgen geldt dat ze in grote mate afhangen van de tijdsduur dat klanten deel nemen aan het programma, m.a.w. hoe langer deze ondersteund worden, hoe groter de impact op hun (economisch) leven is. (UNCDF Microfinance)

Arme mensen zijn, wanneer zij toegang hebben tot spaarregelingen, krediet, verzekeringen en andere financiële diensten, veerkrachtiger en beter in staat om met dagelijkse problemen om te gaan. Zelfs de meest stringente econometrische studies hebben bewezen dat microfinanciering consumptieniveaus op een stabiel niveau kan brengen; ook hoeven cliënten minder vaak middelen te verkopen om zo in hun basisbehoeften te voorzien. Met behulp van microverzekeringen kunnen arme mensen omgaan met plotselinge toenames in uitgaven die samengaan met sterfte, ernstige ziekte en verlies van middelen.

Door toegang tot krediet krijgen arme mensen de gelegenheid gebruik te maken van economische kansen. Hoewel een toename van inkomsten absoluut geen garantie is, hebben klanten overtuigend aangetoond dat betrouwbare kredietbronnen een fundamentele basis vormen voor de planning en uitbreiding van ondernemingsactiviteiten.
Veel studies tonen aan dat klanten die toetreden tot programma’s en hieraan langere tijd deelnemen, zich in betere economische omstandigheden bevinden dan niet-klanten, wat doet vermoeden dat programma’s bijdragen aan deze verbeteringen. Een aantal studies heeft ook aangetoond dat op den duur veel deelnemers zelfs de armoede ontstijgen.

Door het verminderen van kwetsbaarheid en het vergroten van inkomsten en spaarmogelijkheden geven financiële diensten arme huishoudens een belangrijke kans: ze kunnen plannen maken voor de toekomst en zijn niet meer alleen bezig met overleven. Ze krijgen de mogelijkheid om meer kinderen voor langere tijd naar school te sturen en om meer geld in de scholing van kun kinderen te investeren. Toegenomen inkomsten leiden eveneens tot betere voeding en betere leefomstandigheden, die zich weer vertalen in minder ziektegevallen. Meer inkomsten betekenen ook dat klanten, indien nodig, medische hulp kunnen zoeken en betalen in plaats van niets te doen of af te wachten tot hun gezondheid ernstig verslechtert.
Onderzoek laat zien dat van de armen diegenen die deelnemen aan microfinancieringsprogramma’s, veel beter in staat zijn om hun welzijn op individueel en huishoudelijk niveau te verbeteren dan degenen die hiertoe geen toegang hebben.

  •  In Bangladesh hebben klanten van de Bangladesh Rural Advancement Committee (BRAC) hun huishouduitgaven met 28% en hun vermogen met 112% verhoogd. De inkomens van Grameen leden waren 43% hoger dan inkomens in niet-programma dorpen.
  •  In El Salvador steeg het wekelijkse inkomen van FINCA-klanten gemiddeld met 145%.
  •  In India is de helft van de SHARE klanten de armoede ontstegen.
  •  In Ghana had 80% van de klanten van Freedom from Hunger een secundaire inkomstenbron, tegen 50% van de niet-klanten.
  •  In Lombok, Indonesië, is het gemiddelde inkomen van leners van de Bank Rayat Indonesia (BRI) toegenomen met 112% en is 90% van de huishoudens de armoede ontstegen.
  •  In Vietnam hebben klanten van Save the Children voedseltekorten van drie maanden naar één maand teruggebracht.” (CGAP)

Microkrediet kan ongeschikt zijn wanneer de omstandigheden het terugbetalen van de lening sterk bemoeilijken. Zo is een bevolking die geografisch verspreid is of heel vaak ziek is, mogelijk geen geschikte kandidaat. In dergelijke situaties zijn beurzen, infrastructuurverbeteringen of opleidings- en trainingsprogramma’s effectiever. Wil microkrediet geschikt zijn, dan moeten de klanten de mogelijkheid hebben om de lening terug te betalen volgens de afspraken waaronder deze wordt verstrekt. (International year of microcredit 2005)

Microfinanciering als hulpmiddel voor de empowerment van vrouwen
Microfinancieringsprogramma’s richten zich over het algemeen op vrouwen. Door de toegang tot financiële diensten enkel via vrouwen aan te bieden – door de vrouwen verantwoordelijk te maken voor de leningen, door de terugbetalingen via vrouwen te laten lopen, door spaarrekeningen voor vrouwen aan te houden en verzekeringsdekking via vrouwen aan te bieden– geven microfinancieringsprogramma’s een sterk signaal af aan huishoudens en gemeenschappen.

Onderzoek heeft aangetoond hoe toegang tot financiële diensten de status van vrouwen binnen de familie en de gemeenschap verbetert. Vrouwen worden assertiever en zelfverzekerder. In regio’s waar de mobiliteit van vrouwen aan strenge regels is gebonden, zijn vrouwen zichtbaarder geworden en beter in staat zich in de publieke sfeer te begeven. Vrouwen bezitten eigen middelen, inclusief land en woningen, en spelen een sterkere rol in de besluitvorming.

In sommige langdurige programma’s zijn er zelfs meldingen van afgenomen geweld tegen vrouwen.
Zo zegt Rose Athieno, verkoopster, in Uganda: “Tegenwoordig ben ik een zeer gerespecteerde vrouw in de gemeenschap. Ik ben naar voren gekomen uit de groep vrouwen waarop neergekeken wordt. Dankzij de lening die ik ontving, ben ik van iemand zonder enige betekenis opeens iemand van aanzien geworden; de loser van vroeger is een winnaar geworden!.”

Microfinanciering is geen wondermiddel

Microfinanciering is slechts één strategie om een gigantisch probleem te bestrijden.
In de laatste twee decennia is aanzienlijke vooruitgang geboekt in de ontwikkeling van technieken om verschillende financiële diensten op een duurzame manier aan armen aan te bieden. De meeste donoringrepen hebben zich geconcentreerd op één daarvan, namelijk het microkrediet. Wil microkrediet geschikt zijn, dan moeten de klanten de mogelijkheid hebben om de lening terug te betalen volgens de voorwaarden waaronder deze is verstrekt. Is dat niet het geval, dan kunnen zij mogelijk niet profiteren van krediet en lopen zij het risico om in de schuldenproblematiek te belanden.
Dit klinkt logisch, maar microkrediet wordt door sommigen ten onrechte gezien als “one size fits all”. In plaats daarvan moet microkrediet juist zorgvuldig worden afgewogen tegen de alternatieven bij het kiezen van het meest geschikte interventiehulpmiddel in een specifieke situatie.

Microkrediet kan eveneens ongeschikt zijn wanneer de omstandigheden ernstige belemmeringen vormen voor standaardregelingen Zo zijn populaties die geografisch verspreid of nomadisch van aard zijn, waarschijnlijk ongeschikte kandidaten. Microfinanciering is mogelijk ook niet geschikt voor populaties waarin slepende ziektes (bijvoorbeeld HIV/aids) veel voorkomen. Afhankelijkheid van één enkele economische activiteit of één enkel agrarisch gewas, of gebruik van ruilhandel in plaats van geldtransacties kunnen een probleem vormen. De aanwezigheid van hyperinflatie of de afwezigheid van openbare orde kan de mogelijke toepassingen van microfinanciering beperken. Microkrediet is ook veel moeilijker wanneer wet- en regelgeving belangrijke barrières voor de duurzaamheid van microfinancieringsprogramma’s opwerpen; dat is bijvoorbeeld het geval wanneer maximale rentetarieven verplicht zijn.

Hoewel microfinanciering dus niet alle economische lagen van de gemeenschap kan bereiken, is aangetoond dat deze wel groepen bereikt die voorheen niet bediend werden door andere financiële markten.
“Evidence of Microfinance’s Contribution to Achieving the Millenium Development Goals”, Freedom from Hunger
Voorbeelden van alternatieve strategieën (CGAP)

#ID

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Show Buttons
Hide Buttons